In het ND van afgelopen zaterdag stond een heftig artikel van Wubbo Scholte over het regeltjes-klimaat in de kerk. ‘Kerkelijke regelzucht nekt het geloof’ Het zijn niet perse nieuwe geluiden, maar toch staat het weer eens groot zwart op wit in de krant. Enkele citaten:

Noem het maar neo-conservatief: een stukje vernieuwing mag, maar ondertussen wordt vastgehouden aan een overgecontroleerde regelgeving met een sterk wantrouwen voor alles wat buiten en vreemd is. Opwekkingsliederen mogen, maar niet te veel. Kerkelijke werkers mogen een stichtelijk woord spreken in de eredienst, maar onder strikte voorwaarden.

In deze krant stond het verhaal van een verstandelijk gehandicapte jongen die een cursus gevolgd heeft om met zijn handicap meer te gaan participeren in de kerk. Hij komt er op uit dat hij zondags graag wil collecteren. Maar helaas, de kerkenraad vindt dat dit volgens de regels niet kan, en zijn voorstel wordt afgewezen.

Welke geestelijke gesteldheid gaat er schuil achter deze regelcultuur? Dan denk ik aan de beweging van het farizeïsme. (…)Als angst voor overtreding de belangrijkste drijfveer wordt voor de regelgeving, ontstaat er wetticisme en vervreemding van de warme omgang met God.

Pittige tekst, wederom stof tot nadenken. Lees hier het hele artikel en zie hier meer sprekende kerkelijke cartoons.