Archives for category: postmodern

webmap_crop

Op de afbeelding zie je een soort metronetkaart van het internet. De belangrijkste websites zijn er op weergegeven en liggen aan bijvoorbeeld de sociale, technologische of politieke lijn. Een ongelofelijk web van sites en tot mijn schrik ben ik op een groot deel ook geweest of kom er met enige regelmaat. Voor het overzicht is er gelukkig een mainline met het dagelijkse web-ritje. Makkelijk te benaderen via je iGoogle of RSSreader.(Klik hier voor een grote of interactieve versie)

Waarom ik hierover begin? Ik ga binnenkort naar een symposium over Marketing, Nieuwe Media en Mediawijsheid. Georganiseerd door Ugame – Ulearn, een samenwerking tussen de openbare bibliotheek in Delft en de TU aldaar. De metronetkaart van het internet laat zien dat er wel enige wijsheid nodig is om de juist route uit te stippelen, maar dat beseffen we lang niet altijd. Zonder het te weten missen we het overzicht, we laten ons leiden door de top tien van google of die ene verwijzing bij een artikel.

Vroeger ging je voor je werkstuk of spreekbeurt naar de bibliotheek en zocht daar een boek over duikboten of hamsters, tegenwoordig google je de boel bij elkaar. Ook voor je vragen over het geloof ging je simpelweg te rade bij de dominee, nu google je gewoon over bijvoorbeeld je kerkkeuze of check je wikipedia om te kijken wie dat ook al weer Calvijn precies was.

Vroeger leek het meer op het metronet van Rotterdam, twee lijnen, kerk en wetenschap/bieb met onder de beurs(toevallig?) een overstapmogelijkheid.

Maar zowel de kerk als de bibliotheek denken toch dat zij meer zijn dan facilitators van kennis. De bibliotheek wil daarom graag een rol spelen in de sociale media en ook de kerk (volgens oa Boele) zou daar een plek moeten zoeken. Naast interesse in nieuwe media, ga ik daarom naar het symposium om te kijken of wij meer en beter gebruik zouden kunnen maken van het web. Ontdekken van nieuwe manieren om het geloof te delen, kennis te verbreiden en te ontwikkelen. Nieuwe metrolijnen uitzetten, die soms parallel lopen en soms andere richtingen inslaan.

ntsocialnetwork_cropZou sociale media te vergelijken zijn met rhizome, een netwerk van relaties dat groeit als onkruid? Op een seminar, georganiseerd door Emerging Netwerk, sprak Carl Raschke over deze manier van sharing the gospel. Klik hier voor een overzicht van alles wat er geschreven is over dat seminar. Op de afbeelding zie je het social network in de tijd van het NT. Ziet er aardig rhizome uit. Niets nieuws onder de zon… :-)

De kerk is altijd al een netwerkkerk geweest, het is zelfs eigen aan het evangelie, het draagt pas vrucht als je het deelt met anderen. Als er echt relaties ontstaan binnen de sociale media – en dat gebeurd veelvuldig – dan hoort dat echt bij de kerk van vandaag. Sociale media als het hedendaagse rhizome van het geloof.

____________________________
Lees hier mijn eerdere schrijfsels over de netwerkkerk I en II. Na het symposium hoop ik hier weer meer over te schrijven.

Soms kan google je best op interessante ideeen brengen. Ik was aan het googelen op netwerkkerk om te kijken of er nog nieuwe en zinnige dingen over geschreven waren sinds mijn vorige stukje. Bovenaan stond echter een heel ander bericht…  Pornopriester legt netwerk kerk plat. Ik las er eerst overheen, omdat ik niet opzoek was naar dergelijke berichtgeving. Toch nam ik het mee in mn hoofd, omdat afgezien van het stukje van relirel er geen nieuwe dingen over waren geschreven.

Hoe zit dat eigenlijk met die netwerkkerk? Wanneer ligt de netwerkkerk plat? Aan de hand van dit fysieke voorbeeld wil ik een paar zwakke plekken van de netwerkkerk beschrijven.

Overbelasting en vervuiling

In dit voorbeeld is duidelijk dat het netwerk plat ging doordat het overbelast werd en vooral vervuild. Er blijft allerlei slibberige troep hangen waardoor de boel vertraagt en vastloopt. Dat lijkt mij ook een van de gevaren van de netwerkkerk. Hoe voorkom je dat het netwerk overbelast raakt? Stel nu dat er een aantal onderdelen in het netwerk heel populair zijn en daardoor heel veel mensen trekt, waardoor het niet meer tot zn recht komt. Of omdat het netwerk open source is, iedereen met aanvullingen of wijzigingen komt die vooral voor discussies zorgen waardoor het verlammend werkt. Waar trek je de grens met betrekking tot ‘organisaties’ die mee mogen draaien in het netwerk met het oog op vervuiling? Hoe schep je de juiste kaders om het netwerk soepel en draaiende te houden? Een deel van de oplossing ligt denk ik in het feit dat ieder ‘project’ of ‘organisatie’ zelfstandig is. Er is geen overkoepelende organisatie, maar een overkoepelende informatievoorziening. Het gaat erom dat men elkaars waarde weet.

Wie is verantwoordelijk?

Toch kan het zijn dat de boel niet echt lekker loopt, vaak lopen projecten stuk omdat er een gezamelijke verantwoordelijkheid is. (Niet dat Stroom stuk liep, maar een nieuwe gemeentestichter die lijnen uitzet is wel erg prettig) En als dan het netwerk plat gaat of zeer inactief is, wie is er dan verantwoordelijk? In het voorbeeld was de gebruiker -de pornopriester- verantwoordelijk, hij zorgde voor overbelasting en vervuiling. Maar het waren ook maar een paar computers…
Kan de gebruiker van de netwerkkerk de boel vast laten lopen? Of loopt het spaak bij de faciliteerder, zeg maar de informatievoorziening? Of laten de aanbieders het afweten en werken ze met een dermate grote klantenbinding dat er van een netwerk weinig meer over is? Dit lijkt mij wel een lastig punt, Boele heeft eens iets geschreven over een paulusfiguur die dan de spil van het netwerk is. Ik denk wel dat er inderdaad een aanjager en onderhouder nodig is, maar daarmee ligt veel verantwoordelijkheid en afhankelijkheid bij 1 persoon. Ik ben er niet echt over uit, mijn gedachten schieten allerlei kanten op. Misschien is het erkennen van elkaar als deel van het netwerk voldoende en is het de gebruiker zelf die zijn eigen programma samenstelt. Of toch in elk geval een periodieke borrel, zodat je elkaar weer treft en weer kunt focussen. Lastig.
Zomaar wat haken en ogen van de netwerkkerk. Niet om te ontmoedigen, maar om in elk geval mijn eigen gedachten hierover te ordenen. Leuk idee, netwerkkerk, maar hoe zie je het voor je?
Belangrijk is dat lokale kerken en projecten weten van elkaars aanbod en zich daarin niet door elkaar beconcurreerd voelen, maar in tegendeel: aangevuld.
Bovenstaand citaat van Boele geeft vrij helder weer wat mi het mooie is van een netwerkkerk. Het lijkt mij een prachtige manier van kerkelijke eenheid. We snoeien niet alle afwijkingen van elkaar weg, zodat er een eenheidsworst ontstaat, nee, we laten ze juist bestaan zodat er een veelkleurig palet onstaat aan samenkomsten, gebeden en andere activiteiten. Een aanbod; voor ieder wat wils. Natuurlijk zit hier een gevaar in, want het evangelie heeft ook een confronterend element en die kun je ontlopen door het ‘juiste’ aabod te kiezen. Maar wat mij betreft is de winst groter, omdat je veel meer mogelijkheden hebt om op veel verschillende manieren aansluiting te vinden bij al die verschillende mensen. Het is dan wel van belang om te weten als aanbieder -maar ook als afnemer- wat er allemaal aangeboden wordt, een goed overzicht van alle activiteiten. Misschien per plaats, wijk of regio een goede portal met linkjes en agenda’s naar alle activiteiten. Zelf te sorteren op lengte, leeftijd, spirituele factor, passief, actief, etc. Web2.0 kent genoeg mogelijkheden om daarin te voorzien.

 

Boele komt met het voorstel om de apostel weer nieuw leven in te blazen als verbinder van alle knooppunten in het netwerk. Die zorgt voor overleg tussen verschillende projecten en activiteiten en mensen aan mensen koppelt. Net als Paulus eigenlijk deed. Interessant idee, het lastige is dat je zoiets niet kunt initieren, je moet het gewoon doen. En ik denk dat dat wel een kunst is.

 

Een netwerk van kerken dus. Af en toe maak ik dat nu al mee, omdat onze gemeente Stroom een zomerstop kent van zes weken, moesten we ergens anders onze zondagen doorbrengen. Bijvoorbeeld in de Oosterparkkerk. En deze kerk had in de zomer alleen een ochtenddienst, voor de optionele middagdienst werd doorverwezen naar de Tituskapel. Een mininetwerk, maar wel binnen 1 denominatie, de gkv.

 

Kort nog even wat de heren Ouweneel hier over zeiden.
Alleen mensen die behoefte hebben aan zekerheid en veiligheid hebben wat aan denominaties.
Een heftig citaat van Ouweneel sr. uitgesproken tijdens het Xnoizz Flevofestival. Er zit veel waarheid in denk ik, maar tegelijk zit er ook een waarschuwing in. Het zorgt namelijk ook voor een tweedeling tussen hoger en lager opgeleiden, zwartwit gesproken zullen de lageropgeleiden een heldere basis willen, identiteit verbinden aan denominatie en de hogeropgeleiden zullen de identiteit halen uit het samenstellen van een mooi netwerk. Al ben ik wel benieuwd of dat ook voor de toekomst geldt, aangezien de huidige generatie ongeveer met de paplepel het netwerken krijgt ingegoten.  

*Lees hier het verslag in het Reformatorisch Dagblad.

*De stukjes van Boele P. Ytsma, bijvoorbeeld de vijfde uit de serie.

*4 oktober is er een congres georganiseerd door Tot Heil des Volks met als titel: Het evangelie in de uitverkoop? Want wordt met dit netwerkdenken niet het aanbod bepaald door de vraag?