Archives for category: religieonderzoek

Zoals wellicht bekend, is “Assen zoekt…” een gemeentestichting die het model van Mission Shaped Communities wil gebruiken bij het ‘inrichten’ van de gemeenschap. Stibbe is onlangs in Nederland geweest om over ‘MSC’s’ eea te vertellen. Zojuist las ik de scriptie van Kristan de Vries die gisteren is afgestudeerd op het onderwerp:” Hoe internet kan bijdragen aan de missie en community van gemeenteconcept Assen zoekt…” Een onderwerp dat mij uitermate boeit dus ik ben blij dat ik daar zo snel al een blik op kon werpen. Met dank aan Rudolf Setz voor het leggen van de verbinding.

Kristan heeft het onderwerp ongelofelijk breed opgepakt, waarvoor respect, maar dat maakte het ook lastig om een heldere structuur neer te leggen en hoofd- en bijzaken te onderscheiden. Bijvoorbeeld de zin: “Controleer of de “Backspace”-toets functioneert en één stap terug doet gaan op de pagina.” An sich wel belangrijk, maar dat zijn toch details die in het niet vallen bij de veel belangrijkere opmerkingen over het opzetten van een MSC speciaal voor internet.

Er zit veel waardevol materiaal in de scriptie, over tone of voice, belang van beeld en niet te vergeten de mogelijke kloof tussen (in mijn woorden) de digitaal geletterden en ongeletterden. Wat biedt Assen zoekt… aan mensen die niet zo online zijn? En over de vraag hoe je een inclusieve site kunt maken; wat staat er dan centraal? En richt je bijvoorbeeld qua navigatie op de bezoeker en niet op de ‘leden’. Maar toch blijft het mi te veel gefocust op de ‘fysieke’ website van “Assen zoekt…” zelf ipv op de netwerkmogelijkheden buiten je eigen site om.

Maar voor echte interactie met het reguliere internet, is het nodig dat leden van de MSC’s ook uit hun portals komen, en de missie van hun MSC vertegenwoordigen op het open gedeelte van de website zelf, in contact met eventuele belangstellenden.

Achter de login weg, maar nog steeds op je ‘eigen site’… Terwijl het juist handig is om je bestaande (online) netwerken te gebruiken voor het in contact komen/staan met belangstellenden.

Een boeiende gedachte vind ik het oprichten van een Mission Shaped Community speciaal voor het internet. Dat idee lijkt een beetje op de teams van Agape rondom oa IkzoekGod, maar dan door “Assen zoekt…”, een lokale gemeenschap:

De website van “Assen zoekt…” zal naar het voorbeeld van “IkzoekGod” ook een plaats moeten bieden waar interpersoonlijk ruimte wordt geboden voor levensvragen van bezoekers. (…) Om uiteindelijk echte ontmoeting en echt contact en de daarvan uitgaande missionaire werking te faciliteren op het internet, blijkt er een breed draagvlak en nadrukkelijke focus nodig te zijn. Dit lijkt alleen realiseerbaar binnen een complete internetbediening.

Ik vind het mooi om te zien hoe wordt gezocht naar een juiste waardering van online contacten/zoekers. En in dit plan wordt deze groep echt serieus genomen. Toch vraag ik mij af of je voor een lokale gemeenschap een aparte internetbediening moet starten. Zelf denk ik dat het beter is om je als groep te verbinden met IkzoekGod bijvoorbeeld, omdat ze én makkelijker gevonden worden in zoekmachines én er een professioneler team achterstaat die op het juiste moment mensen kan koppelen/doorverwijzen naar lokale gemeenschappen. Maar ik sta er een beetje dubbel in, omdat ik het wel erg waardeer dat er zo serieus gekeken wordt naar dergelijke mogelijkheden van het internet door een lokale en startende gemeenschap.

Kortom, interessante scriptie. Zet je aan het nadenken over het belang van internet in missionaire context. Hoe serieus nemen we dat als lokale kerken?

De scriptie is hier te downloaden.

Op Hervormingsdag 1967 schreven 24 predikanten een Open Brief aan de broeders en zusters in de Nederlands Hervormde Kerk. De kerk was na de oorlog teveel op de apostolaire toer en daardoor teveel bezig met verantwoordelijk-staan-in-de-wereld, aldus de schrijvers. Naderhand vaak aangeduid als een schrijfsel tegen de vermaatschappelijking van het heil. [NB, voor de vrijgemaakten onder ons, dit is NIET de bekende open brief die het ontstaan van de NGK mede heeft veroorzaakt.]

Ik ga voor een vak over de jaren zestig een paper schrijven over deze brief. Zo op het eerste gezicht heb ik helemaal niks met deze brief, maar naar mate ik er meer over nadacht zag ik wel een interessante parallel met het heden. Onlangs schreef ik namelijk over de verschuiving van de nadruk op zekerheid van het geloof naar de zekerheid van het concrete discipelschap. Een verschuiving die ik zelf ook ervaar. Het lijkt er namelijk op alsof we weer net als na de oorlog de relevantie van het geloof willen laten zien in de samenleving. Het geloof is (of zou moeten zijn) pas relevant als het impact heeft en zichtbaar is in onze omgeving. Of, met een citaat van Steve Timmis (totalchurch):

‘Wij gedragen ons altijd naar wat we geloven, anders is ons geloof alleen maar denken’

Zou het kunnen zijn dat mede door die open brief en de daaropvolgende getuigenis uit 71 de focus weer is verschoven naar de confessie, het denken? Of is dat veel te simpel gesteld? Ik wil terugduiken in die context van eind jaren zestig om te zien of we inderdaad parallellen kunnen trekken met het heden. Wat waren destijds de overwegingen en hoe werd het ontvangen?

Om alvast het debat een beetje te typeren:

De briefschrijvers werd verweten dat:

… ik het gevoel heb dat u niet in gesprek bent met de situatie en met de wereld waarin wij nú geroepen zijn het Evangelie te verkondigen. (Hervormd Nederland, 18 nov 67)

En de (aanhangers van de) briefschrijvers schreven oa:

Er is een apostolaat ontstaan, dat inderdaad zich over de wereld heen wil buigen, maar dat niet de wil en de kracht bezit, zich weer uit haar op te richten. (Kerkblaadje, 17 nov 67)

En een prangende vraag tot slot:

In Hervormd Nederland wordt geen enkele poging gedaan recht te doen aan wat de verontrusten beweegt en evenmin wordt ingegaan op de vraag die de schrijvers in de „Open Brief” stellen: „Zou het kunnen zijn dat wij ons geloof overschat en de wereld onderschat hebben? (De Waarheidsvriend, 30 nov 67)

Boeiende thematiek en best actueel.

Voor het – zeer boeiende – vak Media, Religie en Cultuur, van de gelijknamige master, heb ik een paper (pdf) geschreven over de thematieken rondom netwerksamenleving, online/offline gemeenschap en religieuze gemeenschap. Zoals al eerder vermeld, wil ik in mijn masterscriptie ook bezig gaan met deze thematiek en ik zou het dan ook bijzonder waarderen als jullie commentaar geven op wat ik al geschreven heb.

Deze paper stond los van de scriptie, dus dit is niet het ‘theoretisch hoofdstuk’ van mijn scriptie, maar wel een belangrijke lijn. Daarnaast is deze paper niet afgesloten met conclusies, maar als verkenning van het onderwerp, toegewerkt naar een hoofdvraag: (in vernieuwde versie)

Kan het networked-set model, waarbij er nadrukkelijk gekozen wordt voor een combinatie van online en offline gemeenschap, een versterkend effect hebben op de vorming, verduurzaming en missionaire potentie van een geloofsgemeenschap?

Ik beschrijf daar onder meer het debat tussen dystopisten en utopisten over de verhoudingen en ontwikkelingen tussen online/offline gemeenschap en kom dan zelf met een derde positie, de duopist. Een idealistische combinatie van utopist en dystopist. Vervolgens beschrijf ik enkele modellen van religieuze gemeenschappen, waarin ik probeer toe te werken naar een soort netwerkkerk, networked set. Kan zo’n model inderdaad een versterkend effect hebben op de vorming, verduurzaming en missionaire potentie van een geloofsgemeenschap?

Johan Roeland, de docent van deze master, heeft bij de beoordeling al enkele kanttekeningen gemaakt bij mijn paper. Dit mag je beamen, verwerpen of negeren :-). Ik noem er een paar:

  • Het stuk bruist van de goede ideeën en er is duidelijk sprake van visie-in-de-maak, maar alles mag wat analytischer.
  • Je identificeert je als duopist, maar zeker aan het einde ontpop je je als utopist, omdat je zelf behoorlijk enthousiast lijkt te zijn over allerlei ontwikkelingen in de netwerksamenleving. Vergeet als duopist het kritische bewustzijn van de dystopist niet – blijf te allen tijde realistisch en geduldig in je analyses.
  • Het missionaire perspectief introduceer je vrij laat in je paper (p. 5). Dat is verwarrend, temeer omdat je vanuit een missionair perspectief heel specifieke vragen stelt met betrekking tot de empirische werkelijkheid die je bespreekt. Ook je hoofdvraag ziet er anders uit op het moment dat je deze in een missionair perspectief plaatst, om de simpele reden dat je niet vraagt hoe bestaande gemeenschappen zich beter kunnen organiseren met het oog op de betreffende gemeenschap, maar juist met het oog op een toekomstige of potentiële gemeenschap.
  • Empirische en normatief-strategische observaties en analyses lopen door elkaar. Dat is verwarrend. Je lijkt in eerste instantie een empirische lijn te volgen, zeker in het stuk over offline/online gemeenschappen. In de paragraaf over religieuze gemeenschap verlaat je echter het empirisch-beschrijvende van de paragraaf over online/offline gemeenschap, en kies je duidelijk voor normatieve positie in het debat wat de kerk zou moeten leren van hedendaagse ontwikkelen in de samenleving.

Nogmaals, ik ben erg geholpen met commentaar op dit stukje tekst, dus graag reacties. Mag uiteraard ook via de mail. johvandenakker [at] gmail [dot] com

[Afbeelding van smallritual]